Het begon als een klein experiment een dagje offline, even ademhalen. Maar toen bleef het stil. Geen meldingen. Geen ping. Geen groene bolletjes die zachtjes mijn aandacht claimden. Gewoon… niets.
In het begin voelde het ongemakkelijk. Alsof ik iets vergeten was. Mijn hand gleed automatisch naar mijn telefoon, mijn duim zocht de bekende plek op het scherm. Maar daar was alleen leegte. Een wit vlak waar eerst een wereld zat. Ik kon er niet in. Geen pincode, geen herstel via e-mail. Afgesloten. En ergens, diep vanbinnen, ook opgelucht.
De stilte had een geluid. Een zacht, bijna onhoorbaar ruisen. Alsof mijn hoofd ruimte kreeg om weer te ademen. Ik merkte het ’s ochtends als eerste. Geen stroom aan berichten die zich al vóór mijn eerste kop koffie aan mij opdrong. In plaats daarvan hoorde ik de vogels. Echt hoorde. Hun gefluit leek helderder, dichterbij.
Mijn dagen vertraagden. Niet in tijd, maar in beleving.
Gesprekken werden weer echt gesprekken. Geen halve aandacht terwijl ik tussendoor nog even “snel reageer”. Ik keek mensen aan. Ik luisterde zonder onderbreking. En ik voelde iets wat ik lang niet zo bewust had gevoeld: aanwezigheid.
Er zat ook een rauw randje aan. Mijn klanten konden me niet bereiken zoals ze gewend waren. Groepen vielen stil. Een deel van mijn werk, mijn bereikbaarheid, leek even weg te vallen. Dat gaf spanning. Want in de wereld van nu staat “aan staan” bijna gelijk aan betrokken zijn. Maar klopt dat eigenlijk wel?
Want wat er tegelijk gebeurde, was dit: mijn energie bleef bij mij. Geen constante onderbrekingen, geen kleine stukjes aandacht die overal naartoe lekten. Ik merkte hoe vaak ik normaal gesproken uit mijn concentratie werd gehaald. Hoe versnipperd mijn dag eigenlijk is met al die kleine berichten. “Even dit.” “Kun je dat?” “Zie je dit?” Allemaal kleine haakjes die aan je trekken.
En toen kwam die gedachte: waarom gebruiken we eigenlijk geen sms meer?
Sms is traag. Simpel. Stil. Geen blauwe vinkjes. Geen groepsdruk. Geen verwachting dat je binnen vijf minuten reageert. Het is bijna… ouderwets. Maar misschien juist daarom zo menselijk. Een bericht dat je leest wanneer jij daar ruimte voor hebt. Geen eindeloze stroom, maar losse woorden. Bewuster gekozen.
Die zeven dagen gaven me een spiegel. Niet over verslaving, want nee, ik kan zonder. Maar over gewoonte. Over hoe vanzelfsprekend het is geworden om altijd beschikbaar te zijn. Om altijd te reageren. Om altijd “aan” te staan.
De rust die ik voelde, zit er nog steeds. Als een zachte onderlaag. Alsof mijn systeem heeft onthouden hoe het ook kan. Minder ruis. Meer ruimte. Minder moeten. Meer zijn.
- Misschien gaat het niet eens over WhatsApp.
- Misschien gaat het over toestemming.
- De toestemming om niet altijd bereikbaar te zijn.
- Om stilte toe te laten.
- Om weer te voelen wat er gebeurt als er even niets binnenkomt.
Zeven dagen zonder. En ik proef nog steeds de stilte.
Zorg goed voor jezelf
Jij bent belangrijk
Joyousness me-time
Verginia Spier